Verhaal van Connie (1)

Op 18 december 2012 stapte ik in de auto om mijn dochter op te halen maar besloot om eerst nog te tanken. Dit is mijn eerste redding geweest. Ik liep het benzinestation in toen ik een vlammende pijn door mijn rug voelde gaan.

Vanaf dat moment realiseerde ik niet meer wat er om mij heen gebeurde. Ik dacht, ik haal de kassa niet meer en ben gaan zitten. Omstanders legden mij op de  grond want Ik had niet meer de kracht om te blijven zitten. Mijn rug deed immens veel pijn en ik merkte dat ik mijn benen niet meer kon bewegen. Ik was doodsbang. In de ambulance kwam het gevoel weer terug. De ambulance verpleegkundige was heel alert en dacht gelijk aan een aortadissectie. Ik had de klassieke symptomen van een aortadissectie, Ze brachten mij naar een ziekenhuis met vaatexpertise waar gelijk een CT scan werd gemaakt. Ik bleek een aortadissectie type B te hebben maar ik had geen idee wat dat betekende. In het ziekenhuis ging het grotendeels aan mij voorbij. Een gesprek met de arts leverde ook geen enkel zinnig antwoord op. Na een week mocht ik al naar huis, op eerste Kerstdag.

Thuis was ik extreem moe en was de pijn soms niet uit te houden. Ik vond het wel raar dat ze eerst om de 2 uur mijn bloeddruk controleerden en vervolgens niks meer. Na 6 weken werd er een nieuwe scan gemaakt. Er bleken 2 aneurysma‘s te zitten, in borst en buik, en die groeiden snel. Een operatie was onvermijdelijk.

Ik ben hiervoor overgestapt naar het AMC. Daar kreeg ik de uitleg en informatie waar ik zo’n behoefte aan had. Er was geen andere optie dan opereren maar ze wilden zo lang mogelijk wachten, zodat de wand van de aorta iets zou versterken waardoor de kans dat hij zou scheuren tijdens de operatie kleiner werd.

Op 3 juli werd ik uiteindelijk geopereerd. Het heeft 11 uur geduurd. Helaas kreeg ik ‘snachts inwendige bloedingen, waardoor er acute ademhalingsproblemen ontstonden. Ik moest direct weer geopereerd worden.
Na een week werd ik wakker en het eerste waar ik aan dacht was ‘gelukkig ik kan mijn tenen nog bewegen’. Mijn grootste angst was om verlamd te raken, iets wat door de chirurgen steeds genoemd werd als een groot risico. 
Na 3 weken mocht ik naar huis. 

Het ging allemaal goed maar mijn lichamelijk en geestelijke conditie heb ik stap voor stap opgebouwd. Het heeft een tijd geduurd voordat ik het een plek kon geven en weer echt kon genieten.Vooral het vinden van de lotgenotengroep heeft mij enorm geholpen. Ik neem weer deel aan alles wat ik leuk vind. Natuurlijk heb ik mijn levensstijl wat aangepast maar dat voelt nu als een stukje van mij zelf. Ik neem meer rust tussendoor, ren minder van het één naar het ander. Ik geef naar anderen toe ook aan als iets te belastend is. Als ik me met een paar dingen tegelijk bezig houd, kan ik het in mijn hoofd soms niet aan. Concentratieproblemen heb ik nog wel een beetje maar het is wel een stuk verbeterd. Ik doe weer een heleboel leuke dingen en kijk vooruit. Ik kan weer genieten en leef niet in angst.